De Strijdijzers

De Strijdijzers is een theoretische actiegroep uit de jaren 70, die voor het eerst het verband heeft gelegd tussen het onbetaalde werk van vrouwen vóór de scheiding en partneralimentatie. Toen ze met dit onderwerp begonnen in het Vrouwenhuis, vond iedereen dat maar raar en het werd geheel afgekeurd. Partneralimentatie stond namelijk gelijk aan het levenslang financieel uitzuigen van mannen en hun geen tweede leven gunnen met een andere, jongere vrouw. Wat dit betekende voor de achterblijvende vrouw was háár zorg, had ze maar beter haar best moeten doen om haar ex te behagen.
Pas toen duidelijk werd dat partneralimentatie van alles te maken heeft met het leven van vrouwen vóór de scheiding, waarin vrouwen als tweederangs burgers beschouwd worden, begon het tij te keren.
Partneralimentatie is ook op te vatten als betaling van het onbetaalde werk tijdens het huwelijk, waar toentertijd bijna altijd kinderen aanwezig waren of het huis uit waren.
De Strijdijzers hebben deze zienswijze uitgewerkt in een ‘Open Brief’ die gedeeltelijk in de Tweede Kamer werd voorgelezen door één van de Tweede Kamerleden in 1980 bij de behandeling van het wetsvoorstel. Het was een geheel andere manier om tegen partneralimentatie aan te kijken en sloeg in als een bom.
 
In 1981 hebben ze het boekje ‘En nu is het uit’ uitgegeven.
De teksten zijn in 'ouderwets' Nederlands geschreven
 
Hoe is het boekje tot stand gekomen, samenwerking met Divortium.
De Strijdijzers hebben zich twee jaar bezig gehouden met de plannen om de wet voor partneralimentatie te veranderen. Wat zou dit betekenen voor vrouwen.
Omdat de groep vooral uit jongere vrouwen bestond tussen de 30 en 40 jaar, lesbisch waren zonder kinderen en zelf niet met alimentatie maken hadden, hebben ze contact gezocht met oudere vrouwen die partneralimentatie ontvingen en zich verenigd hadden in Divortium. Deze groep had een zeer slechte naam: ze zouden er alleen op uit zijn hun exen financieel uit te knijpen. Het bleken juist heel leuke vrouwen te zijn, waarmee goed samen te werken was.
 
Hoe langer er over partneralimentatie werd nagedacht, twee avonden in de week(!), hoe meer de vrouwen van de Strijdijzers er achter kwamen hoe onrechtvaardig deze wet zou uitpakken t.a.v. vrouwen. Ze begonnen theoretische stukken te schrijven over het onbetaalde werk dat vrouwen binnen het huwelijk verrichten (onbetaald werk dat mannen nooit zouden doen), vroegen vrouwen persoonlijke verhalen te schrijven, gingen actie voeren en maakten o.a. een 'Vrouwen Pas Op' affiche.
En na alle stukken op een typmachine uitgetikt te hebben en met de hand geplakt op een lichtbak van A4 formaat, verscheen in 1981 het boekje ‘En Nu is het Uit’, geschreven door het Anti-Wegwerpvrouw-Komitee en uitgegeven door de Strijdijzers. Het opende de ogen van veel vrouwen.